Jean Prick Ieder jaar houdt een groep Bugattisten, dat
zijn de trotse bezitters van de legendarische automobile
Bugatti, een pelgrimstocht naar Molsheim. Daar woonde en
werkte Ettore Bugatti en daar ligt hij ook begraven.
Showroom trok voor dit evenement in 1980 met de camera
ook naar Molsheim. In een Citroën en niet in een Bugatti.
Daar ontmoetten we Jean Prick, zoon
van een legendarische Nederlandse Bugattibezitter. Op de
opmerking dat zijn hele leven beïnvloed is geweest door
Bugatti's, barstte de heer Prick in snikken uit. Met zijn
pet veegde hij de tranen uit zijn ogen en vertelde hij
met gebroken stem dat hij altijd moest huilen als hij het
woord Bugatti hoorde.
"Mijn grote liefde gaat nu
eenmaal uit naar Bugatti's. Daar doe ik alles voor en ik
hoop later van mijn vader een echte Bugatti te krijgen."
De laatste zin perstte hij verstikt van tranen uit zijn
keel. Even later vertelde hij dat hij door zijn vader
"gediskwalificeerd" was omdat hij een keer
tijdens een rally met een snelheid van 140 km per uur
door een rood stoplicht was gereden. Hij had van zijn
vader een klap voor z'n kop gekregen met de mededeling
dat hij daarna nooit meer in een Bugatti mocht rijden.
Op de vraag wat hij er allemaal
voor over zou hebben om een Bugatti te krijgen antwoordde
Jean Prick tot onze verbijstering: "Alles wat
mogelijk is...Ik zou eventueel... dat mag je natuurlijk
niet zeggen... misschien mijn vrouw wel willen verkopen
voor een Bugatti". Jaren later hebben we Jean Prick
nog eens ontmoet. Zijn vader was overleden en Jean had
eindelijk één van zijn Bugatti's geerfd, maar hij was
ondertussen wel van zijn vrouw gescheiden.
|