Hoogtepunt

We schrijven 1969 /1970. In dit televisieseizoen zal het inmiddels populair geworden Farce Majeure haar 50e uitzending creëren. Een feestelijke uitzending derhalve. Maar op welke manier feestelijk? Een moeilijke vraag voor de vijf heren.

Tijdens een van de brainstormdagen komt één van het team op het krankzinnige idee om het lied dat normaal op pleinen en markten zich afspeelt, voor deze gelegenheid in het Concertgebouw te laten weerklinken, maar dan wel begeleid door het wereldberoemde Concertgebouworkest onder haar internationaal befaamde dirigent Bernard Haitink. Krankzinnig, dat zal nooit lukken en de man die het had bedacht moet zelf maar de hilg gaan halen met dit belachelijke voorstel. Tot ieders stomme verbazing blijkt na een eerste contact met het concertgebouworkest het idee bij het bestuur en dirigent aan te slaan. En daarna verloopt het, ondanks enkele bedenkingen van sommige orkestleden, allemaal onverwacht vlot.

De opname van "Dat is uit het leven gegrepen" moet tijdens de repetitie van het orkest worden gemaakt en de medewerking van het hele orkest is uiteindelijk zo groot, dat ze zelfs voor slechts een kadobon in smoking willen verschijnen.

Trillend van de zenuwen melden de 5 heren zich in de solistenkamer van het Concertgebouw. De van de firma Tapking gehuurde rokkostuums worden uitgepakt en de producer, steun en toeverlaat van het team. Lies van Bommel maakt zorgvuldig die lastige boordeknoopjes vast. Ondertussen maken de cameramensen en de geluidopnameleider zich ook gereed voor de opname. Nog een korte bespreking met de inmiddels ook in vol ornaat geklede Bernard Haitink en de eerste repetitie kan beginnen. De door Pi Scheffer gearrangeerde partijen worden onder de orkestleden verdeeld. Haitink corrigeert tijdens het lezen van de partituur nog even snel voor de hoornisten een b in een bes, heft daarna zijn dirigeerstokje, en dan klinkt uit wel 120 instrumenten de introductie van het lied "DAT IS UIT HET LEVEN GEGREPEN."Ongelooflijk.

Van pure verbouwereerdheid over de prachtige en massale klank van het orkest dat achter de 5 heren opklinkt, houdt een ieder van verbijstering zijn mond op het moment dat de dirigent het teken geeft om in te zetten. Hilariteit bij het orkest. De heren vermannen zich snel en na een of twee repetities acht Maistro Haitink de tijd gekomen om met de opname te beginnen.

Camera's lopen, geluid loopt. De deuren boven het podium en onder de naam Bach zwaaien open. Voorop Alexander Pola daarachter Jan Fillekers, Ted de Braak, Fred Benavente en Henk van der Horst en tot slot Bernard Haitink, dalen de roodfluwelen trap af naar voorkant van het podium. De opname begint. Vanwege twee kleine foutjes in het orkest (en ook van de zangers) keurt de maestro de eerste twee opnamen af. Vervolgens wordt de derde poging teruggeluisterd en zowel door concertmeester Herman Krebbers als Bernard Haitink zelf goedgekeurd.

Trots als apen en diep onder de indruk neemt het Farce Majeure-team afscheid van het orkest en hun leider. Een historische gebeurtenis voor de Nederlandse televisie is opgenomen. Enkele dagen later wordt dit muzikale hoogtepunt van Alexander, Fred, Ted, Jan en Henk uitgezonden. Meer dan 3 miljoen kijkers geven voor deze bijzondere Farce Majeure dan ook het zeer hoge kijkcijfer 8.

Zeven jaar treedt het Farce Majeure-team ter gelegenheid van de 150e
en tevens laatste televisie-uitzending nog een keer op, samen met het Concertgebouworkest. Weer onder de bezielende leiding van Bernard Haitink zingen zij voor de allerlaatste keer een potpourri van een door Harry Bannink "gecomponeerd" klassiek afscheidsconcert.

terug naar Farce Majeure

terug naar het begin